
Half oktober. Vorige week voor het eerst weer het geluid van de overvliegende kraanvogels. Op een prachtige zonnige herfstdag, tijdens een fietstochtje, het land overgoten met een gelig licht. Nog niet de enorme V-formaties, luid trompetterend op weg naar hun winterbestemming, maar slechts een paar verdwaalde verkenners. Het is weer zover. De invallende winter in het noorden wordt verruild voor het warme zuiden, Spanje of Noord-Afrika. Ons huis ligt op hun route (rode cirkel in de afbeelding). Straks in februari gaan ze weer terug, het voorjaar en de zomer tegemoet. Ouders en kinderen, hele gezinnen vliegen op en neer.

Het lijkt trouwens wel alsof alle vogels hier bezig zijn met de grote trek. In het voorjaar en de zomer huist er rondom onze fermette een bont gezelschap. Ik zou er deze pagina mee kunnen vullen (met een wat groot lettertype): wielewaal, hop, koekoek, roodstaart, heggemus, goudhaantje, zwartkop, putter, pimpelmees, koolmees, witte en gele kwikstaart, boomklever, boomkruiper, alle soorten spechten, bosuil, velduil, winterkoninkje, fitis, groenling, merel, nou ja, enzovoort). Maar nu, oktober, zijn het vooral de roodborstjes die hier de scepter zwaaien. Ik denk dat die ook uit het noorden komen, want opeens waren ze er. Luidkeels aanwezig, knokkend om hun territorium. De rest is vertrokken, lijkt wel. Of houden zich gedeisd.

En een paar weken eerder vormde ons terrein voor even een verzamelplaats voor een club boerenzwaluwen. Het leek wel een Facebookfeest (zoiets als Project X in Haren, dat begon met een uitnodiging voor een Sweet Sixteen Party van een 16-jarig meisje en eindigde in een massale bijeenkomst van meer dan 10.000 jongeren). Uit het niets vlogen plotsklaps overal rondom ons huis boerenzwaluwen. Door het slechte weer dwarrelden de muggen en andere insecten laag en dus ook de zwaluwen, die hun vetreserves aan het opbouwen waren voor de grote reis. Zo laag dat poes Bibi (what’s in a name?) er een aantal uit de lucht kon plukken, met in de meeste gevallen een droevig einde tot gevolg. Ze huisden even overal. Toen ik ’s ochtends de garagedeur opendeed bleken er een stuk of tien die nacht te zijn opgesloten geweest. Braaf zaten ze samen naar me te kijken op de balk boven de deur, voor ze opgelucht de ochtendlucht in doken. Een paar dagen bleef de hele bende en toen waren ze opeens vertrokken.
Ik las een interview in de krant met een wat ouder echtpaar die op een vrijwel onbewoond eiland in Ierland zijn gaan wonen. ‘Je leert hier het leven klein te maken’, zei de man. Op het eerste gezicht lijkt dat hier bij ons op het Franse platteland ook zo. Maar je kunt het ook omdraaien: dat je leert om het leven groot(s) te maken.

De laatste tijd hoorde ik in de stille avonden een geluid dat ik in al die (twintig) jaar nog niet eerder hoorde. Een hard gekras, KROK-KROK, steeds twee of drie keer, beetje schor, maar heel luid en vérdragend. Op een bepaalde manier ook melodieus. Het kwam van hoog uit de lucht of vanuit de toppen van de bomen. Vaak begon er een, waarop een paar honderd meter verderop het antwoord kwam. Duidelijk een koppel, met elkaar aan het praten. In het begin dacht ik aan een blauwe reiger of een zilverreiger (die zitten nog wel eens aan de oever van ons aangrenzende meer), maar die maken toch net een ander geluid. Na een paar dagen worstelen zag ik ze opeens: raven. Majestueus. Waarschijnlijk komen ze met de wolf mee, die terrein wint in Frankrijk. Die twee werken samen bij de jacht. Raven attenderen de wolf op ‘zwakke’ dieren, waarna ze als beloning het kadaver mogen hebben. Geen trekvogel, lees ik. Wij, de raaf en ik, blijven gewoon hier. In het paradijs.
Dank, Carla.
Prachtig Leo! Met veel plezier heb ik je nieuwe blogs gelezen. Over de onfortuinlijke Etienne en dit prachtige verhaal. De raven horen we hier ook al op de Veluwe, geweldig geluid. De wolf lokt mij nog niet zo….
En ja blijf maar lekker in je paradijs, dat is beter dan tussen de vloekende fietsers hier.
Onlangs hoorde ik in Groet op mijn avondwandeling ook weer even de bosuil, wat een geluk is dat, kan ik er ook weer even tegen.
Lieve groet ook voor Carolien, ik denk met veel plezier aan ons bezoek terug.
Carla van Eldik Thieme