
Kippen horen niet op de kop, oordeelde de rechter onlangs. (Ik betwijfel of dat correct Nederlands is: op z’n kop, op hun kop? Maar dat terzijde.) Stichting Wakker Dier had een zaak aangespannen en kreeg gelijk. Als kippen worden gevangen om in de vrachtwagens te worden gezet richting slachterij, worden ze steevast met drie tegelijk aan hun poten of vleugels opgepakt, waarna ze op hun kop in boxen worden gegooid. In strijd met de Europese Transportwet, oordeelde de bestuursrechter vorig jaar. Kippen hebben geen middenrif. Hang je ze ondersteboven, dan drukken de organen direct op de longen, en krijgen ze het benauwd. En dat is niet het enige. Dierenwelzijnsorganisatie Eyes on Animals heeft foto’s van geklemde koppen, gehavende poten, bebloede veren, en gebroken vleugels. Bovendien raken ze in paniek.
Toen we zelf een half jaar geleden naar een kippenboer hier in de buurt reden om drie legkippen aan ons boerderijbestand (van twee paarden, twee honden en een poes) toe te voegen, wisten we dat allemaal nog niet. Maar zo ging het inderdaad: de norse eigenaar ging ons voor naar een hok waar wel vijftig kippen in zaten. Hij pakte een stuk karton, dreef er drie in een hoek, en plukte ze alle drie tegelijk – twee aan een poot, de derde aan een vleugel – van de grond, droeg de gillende dieren op hun kop naar een klaarstaande kleine kartonnen doos, waar hij ze – nog steeds op hun kop – in duwde, bovenop elkaar, waarna hij snel de bovenkant dichtdeed. Lomper kon niet. Vijf minuten later reden we naar huis.
We hadden ons ingelezen. Een bouwpakketje voor een leuk kippenhok gekocht en in elkaar gezet. Voor ’s nachts als de vossen op jacht gaan. Daaromheen een kippenren gemaakt, een soort net tussen paaltjes gespannen, van zo’n dertig vierkante meter. Voor overdag, dachten we. Een kip, zo kun je op de doorsnee website lezen, heeft vijf vierkante meter nodig om vrij rond te kunnen lopen. Dertig vierkante meter zou riant zijn dus. Al snel zagen we hoe de kippen hun uiterste best deden om te ontsnappen uit de ren. Ze fladderden eroverheen. Of kropen door de te grote gaten. Op weg naar de vrijheid.
We hebben veel meer terrein, wel twee hectaren, waarvan een flink deel bos, dus ruimte zat. Na wat halfslachtige pogingen ze in hun ren te houden, gaven we het maar op. Tot immens plezier van de kippen. Gedurende de dag kun je ze nu overal op ons terrein tegenkomen. De grond wat omwoelen om leuke wormpjes of torretjes te vinden. Af en toe een stofbad in de droge bosgrond. Of in onze fraai aangelegde bloembedden. Soms gezellig met zijn drieën even uitrusten in de schaduw onder de appelboom. En als het regent vind je ze schuilend in hun kleine kippenhokje, onder het dakje. Zo te zien de kippenhemel voor ze.

Verder lezend over kippen bleek dat het eigenlijk bosdieren zijn. Dat was wel duidelijk. En dat ze graag flinke afstanden afleggen met hun gescharrel. Ook dat klopte. Waar halen mensen toch zo’n soort ‘kennis’ vandaan: dat een kip vijf vierkante meter nodig heeft om vrij rond te kunnen lopen? Ze hebben een heel bos nodig! Ze leken me ook intelligenter dan gedacht. Ze begrijpen snel wie de blaadjes sla komt brengen. Ook dat ze tegen de avond opgehokt gaan worden: ze lopen al gelijk voor je uit naar hun nachthok. Ze hebben ook een taal onderling. Als de één haar ei gelegd heeft en uit het hok kruipt terwijl de anderen vijftig meter verderop aan het scharrelen zijn, klinkt er van beide kanten geroep. ‘Waar ben je?’ ‘Hier!’
Zelf kippen hebben levert wel een flink dilemma op: natuurlijk kennen we allemaal de foto’s van de legbatterijen. Het verschil met het leven zoals een kip het zelf zou kiezen – kijkend naar onze eigen kippen – is te schrijnend. Zo schrijnend dat een stukje kipfilet in de supermarkt echt niet meer kan. Hoe werkt dat toch bij boeren? Alle mensen die dieren hebben – nou ja, de meeste dan – zullen zich toch bekommeren om hun welzijn? Zich toch afvragen wat een prettig leven is voor hun dier? Maar ja, ‘tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren …’ De pluimveesector, zo las ik, heeft flinke bezwaren tegen de uitspraak van de rechter over de vangmethode van de kippen. Een kip rechtop vangen kost meer tijd. Dus meer geld. Geld. Altijd weer geld.
